I’m goin’ back some day, come what may

Ik droomde dat Roy Orbison nog leefde. Hij woonde in Žižkov en zag er goed uit. Zijn bril en zijn pruik werden regelmatig vervangen en schoongemaakt. Ik sprak hem aan de bar van U Vystřelenýho Oka, waar hij een donker biertje bestelde. Een kleintje. Hij is geen drinker. Toen ik, het duurde even, door had wie hij was, zei ik dat ik sommige van zijn nummers heel bijzonder vind, een vorm van hogere white-trash-kunst, ik snapte heus wel dat het niet als een compliment zou klinken. Roy Orbison bleek geen Engels meer te kennen. Hij sprak Tsjechisch. Doorgaan met het lezen van “I’m goin’ back some day, come what may”