Fragment uit De goede zoon

Seks is op allerlei manieren beschreven, in de literatuur. Seks met een zelfrijdende auto tot voor kort nog niet. Dat komt natuurlijk deels omdat er nog maar weinig zelfrijdende auto’s zijn, en deels omdat de meeste zelfrijdende auto’s niet zijn uitgerust met een seksrobotfunctie. De goede zoon van Rob van Essen brengt de primeur. De goede zoon is een sciencefictionroman die zich afspeelt in een niet heel verre toekomst. Een schrijver die zich, na de ondergang van de literaire wereld, heeft toegelegd op de ‘plotloze thriller’, een zelfbedacht genre, raakt in allerlei gebeurtenissen verwikkeld als hij na de dood van zijn moeder wees is geworden. Gebeurtenissen die hun oorsprong hebben in het verleden, dat zich almaar aan een leven blijft opdringen, zelfs (of vooral) in sciencefiction. Net zoals altijd zijn de verhalen van Van Essen ‘vreemd’ en toch ‘vertrouwd’, ongeveer zoals in het fragment hieronder, het begin van de seksscène die Elon Musk waarschijnlijk nog niet heeft bedacht, terwijl die toch altijd bezig is en zich overal mee bemoeit. Doorgaan met het lezen van “Fragment uit De goede zoon

Fragment uit: Winter in Amerika

Winter in Amerika is de meest recente roman van Rob van Essen.

Terug in de kamer ging ik voor de boekenkast staan, bij de romans. Ik liet mijn hand over de ruggen glijden. Dit is waar het om gaat, dacht ik, een beetje plechtstatig, maar ik meende het wel. Dit was ook een vorm van vriendschap, liefde misschien wel. Misschien was het een verslaving, maar ook dat was dan iets moois. Alles kwam hier uiteindelijk op neer, de manier waarop ik mijn geld verdiende, de wereld waarin ik me bewoog en die voortdurend veranderde en die voor iedereen die ouder werd potsierlijke trekken aan begon te nemen (zo was het altijd geweest, nam ik aan), alles draaide hierom, om die paar boeken die je nooit weg zou doen, de paar schrijvers metwie je vriendschap had gesloten terwijl ze misschien al jaren, eeuwen dood waren.
Ik pakte The House on Eccles Street van de plank, bladerde er even doorheen, glimlachte bij een passage en zette hem weer terug. Ik was alleen, ik mocht nu zo plechtstatig zijn als ik wilde; hier ging het om, deze verhalen; nee, niet de verhalen, het ging om meer dan dat, om de inhoud, alles wat het boek bevatte en wat je in je opnam, naar je hoofd verplaatste, hoe je je dat eigen maakte, hoe met de tekst werelden meekwamen waarin je geloofde, verzonnen werelden die écht waren, op die geheimzinnige manier waarop alles wat door een ander was verzonnen tegelijkertijd zowel waar als niet-waar kon zijn – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – als ik het boek van Costello niet al had teruggezet, had ik het uit m’n handen laten vallen. Zowel waar als niet-waar – was het (ik ging er even bij zitten), was het al die tijd gewoon over literatuur gegaan en had ik dat niet doorgehad? Was het zo simpel, was het geen inzicht geweest maar een raadsel waarop me pas nu het antwoord duidelijk was geworden, of erger nog, want banaler, de samenvatting van waar ik me beroepsmatig al zo lang mee bezighield?

De geschiedenis van een vooroordeel: over Herman Koch

Ooit, in 1989, las ik Red ons, Maria Montanelli van Herman Koch. Een leuk boek, hoe vreselijk dat ook klinkt: ‘Hoe was het boek?’ Ja, leuk.’ Ik herinner me dat er nogal wat te doen was om dat boek. Er was geloof ik zelfs tweespalt in de kritiek. Men vond het helemaal niks, of juist geniaal. Als ik het me allemaal niet verkeerd herinner, ik heb geen zin om het op te zoeken, was Piet Grijs een van de mensen die het een geniaal boek vond. Maar hij woonde ook in Amsterdam-Zuid, de gedoemde wijk waarin Koch zijn personages laat rondstrompelen, dus hij snapte precies waar het gemopper van de auteur zich op richtte: Doorgaan met het lezen van “De geschiedenis van een vooroordeel: over Herman Koch”

Voorpret om Arno

arnoVorige zomer zag ik Arno Hintjes, bij Café Manuscript in Oostende. Hij stond voor de deur te bellen. Rob van Essen en ik passeerden hem en gingen naar binnen, zonder te zeggen:’Hé, daar heb je Arno.’ Maar we herkenden hem allebei, meteen, alsof hij een levend standbeeld was dat Arno Hintjes voorstelde. Ik was vroeger een soort fan van TC Matic en Arno is daar altijd bij blijven horen, bij die tijd en bij die band. Zijn solocarrière duurt nu al eenendertig jaar, veel langer dan de zes jaar die TC Matic bestond, maar het lukt me nooit helemaal om hem los te zien, om hem zijn individualiteit te gunnen. Doorgaan met het lezen van “Voorpret om Arno”

Als een dirigent die de beweging kan voorzien

15817788_10211865128450031_1979312505_oDe kinetische kunstwerken van Jean Tinguely (1925-1991) maken gebruik van een extra dimensie. Ze bestaan niet alleen in de breedte, de hoogte en de diepte. De kunstenaar heeft er beweging aan toegevoegd. Het is net die beweging die grotendeels ontbreekt in de tentoonstelling Machinespektakel, nog tot 5 maart 2017 te zien in het Stedelijk Museum van Amsterdam. Oh ja, de werken konden nog wel bewegen, maar ze mochten het niet meer allemaal, althans, niet meer voortdurend, zoals vroeger. Doorgaan met het lezen van “Als een dirigent die de beweging kan voorzien”

Lezen (97): Mariëtte Baarda

mariettebaardaLeven met migraine is de ondertitel van Kinderen waaien om, het debuut van Mariëtte Baarda. Het had net zo goed: Leven met Mariëtte Baarda kunnen zijn, dan was de migraine slechts achtergrondmuziek geweest, maar de uitgeverij heeft om een of andere reden besloten om het boek de NUR-codes 320 en 860 te geven: ‘Literaire non-fictie algemeen’ en ‘Gezondheid algemeen’. Ik zou het ‘non’ van non-fictie tussen haakjes zetten, en daarmee is Kinderen waaien om dus ‘gewoon’ literair, maar ik snap de uitgeverij wel. NUR 300 is de kortste weg naar minder verkoop. Een kwaal verkoopt beter dan een autobiografisch boek van iemand die nog niet bekend is. Een auteur zonder haakje om een verhaal aan op te vangen is bijna kansloos. Doorgaan met het lezen van “Lezen (97): Mariëtte Baarda”

Richard Rijkens komt naar Oostende

karperIn mijn nieuwe boek speelt de schrijver Richard Rijkens, gemodelleerd naar A.H.J. Dautzenberg, een belangrijke rol in het derde en een-na-laatste hoofdstuk. Hij komt naar Oostende. Mijn verblijf hier is in wezen dus studie. Daarnaast ben ik aan het doorbreken in het buitenland, waarvoor ik binnenkort subsidie zal aanvragen. Literatuur is een exportartikel en schrijvers mogen binnen het culturele veld eindelijk wel eens de positie krijgen die hen toekomt, vergelijkbaar met die van popmuzikanten en klassieke orkesten (en ensembles). Doorgaan met het lezen van “Richard Rijkens komt naar Oostende”