Derde blog voor Extaze: De cultuur is een schimmenspel geworden

Op 28 juli van dit jaar (2019) werd Remco Campert negentig jaar. Reden voor de VPRO om een ‘ode’ aan de vereerde meester uit te zenden. Die ode werd opgefleurd met muziek, waarbij de VVD-jazz van Benjamin Herman de grote blik- of oorvanger was, en naast de muziekmensen deden the usual suspects mee.

In Campert’s geval wordt de spoeling van vrienden en collega’s dunner en dunner. Van die beperkte kring waren Jan Mulder, Kees van Kooten en Ramsey Nasr vertegenwoordigd: twee grapjassen en een acteur. Toch leek het de bedoeling dat de kijker de indruk kreeg met iets literairs van doen te hebben. Gelukkig werd Nasr weggedraaid voor hij kon beginnen te spreken, misschien was dat het literaire.

Lees verder op de website van Extaze >>

Remco Campert schrijft een gedicht over de Notre-Dame

Remco Campert zit in zijn werkkamer. Waarom ook weer? Iemand stelt de vraag. Remco neemt een slok rode wijn. Oh ja. Hij wil een gedicht schrijven over de Notre-Dame, die in brand is gevlogen. Bijna helemaal vernietigd. Hij zag het op het nieuws, samen met zijn vrouw. Die heeft hem naar boven gestuurd, naar zijn eigen verdieping, om er iets over te schrijven voor de krant. Met die vervelende traplift omhoog. Schuifelend naar de werkkamer. Gedachten die almaar afdwalen en weg willen. Doorgaan met het lezen van “Remco Campert schrijft een gedicht over de Notre-Dame”

In de metro (13; denken aan Remco Campert)

In de metro zit iemand die gisteren heel veel knoflook heeft gegeten. Het is echt niet te harden, de lucht van bedorven maagsappen golft af en aan, ongeveer zoals verontwaardigde meningen af en aan golven in een talkshow. Per halte word ik gemiddeld drie keer overspoeld met die walm, een combinatie van wat er uit een open riool opstijgt en de geur van bedorven vlees. Mijn zeer oude buurvrouw is het niet, ik heb haar tussen Anděl en Smíchov stiekem besnuffeld. Ze ruikt lekker, die oude vrouw, naar nog degelijk geluchte kleding en iets als Kölnisch Wasser, iemand die als oma heel goed kan functioneren en haar kleinkinderen iets geeft om met weemoed aan terug te denken. Als ze kleinkinderen heeft, natuurlijk, voor hetzelfde geld is het een eenzame vrouw die zich met een zinloze hardnekkigheid (je weet het maar nooit) heel goed blijft verzorgen. Doorgaan met het lezen van “In de metro (13; denken aan Remco Campert)”

Er is alles in de wereld, en ook Lucebert

Stel je voor: je bent de dichter Lucebert en moet aan politieke windvanen als Simon Vinkenoog en Remco Campert uitleggen dat je de Joden niet zo lief vindt. In de jaren vijftig, kort na de Tweede Wereldoorlog – tijdens welke je vrijwillig in arbeidsdienst was, en brieven schreef die Nietzscheaans én antisemitisch van toon waren. Wat zou jij doen? Ik zou mijn mond houden, tot en met mijn dood, en wachten op de biografie van Wim Hazeu. Niet alleen om het behoud van mijn carrière, maar ook om niet in zinloze discussies verzeild te raken met mensen die geen mening hebben en alleen van richting veranderen als de maatschappelijke wind dat doet. Doorgaan met het lezen van “Er is alles in de wereld, en ook Lucebert”

Niet alle dichters blijven levend – bij de sterfdag van J.C. Bloem

Foto: Wikipedia
Foto: Wikipedia

Vandaag is de sterfdag van J.C. Bloem. Op de website Literatuurmuseum staat een (algemeen, erg hap-snap) artikel van Dick Wensink over de dichter. Alle cliché’s worden nog eens opgekookt (‘Pas betrekkelijk laat in zijn carrière kreeg het werk van Bloem bekendheid bij een breder publiek’): De slordig levende, aan walging lijdende, niet erg productieve maar soms wel geniale dichter, altijd maar tobbend en puffend en nu tot de klassieken behorend. En oh ja, hij flirtte wat met het fascisme, maar dat is in zijn geval blijkbaar niet zo erg. Bloems seksuele voorkeur voor jongens blijft verder buiten beschouwing – we zijn hier namelijk op een museale website en die hoeft het publiek niet alles aan de nieuwsgierige neus te hangen. Doorgaan met het lezen van “Niet alle dichters blijven levend – bij de sterfdag van J.C. Bloem”