In de metro (30): Fernando Pessoa en Harrie Lemmens

Ik zit voor mijn laptop en denk aan de metro. Lijn B, de gele lijn. Dat is voor mij nu al meer dan twee jaar de hoofdader van Praag, alles wat ik normaal gesproken moet doen begint of eindigt in lijn B. Linka. Ik lees een gedicht van Fernando Pessoa, in de vertaling van Harrie Lemmens, een verre neef van Fernando: Doorgaan met het lezen van “In de metro (30): Fernando Pessoa en Harrie Lemmens”

Fragment uit Een glas woede

De Braziliaanse schrijver Raduan Nassar (1935) publiceerde in de jaren zeventig een roman, Bijbelse landbouw, en een novelle, Een glas woede. Beide boeken werden juichend ontvangen. Er was een nieuwe grote schrijver geboren van wie nog veel te verwachten was, zo leek het, maar Nassar trok zich terug uit het literaire bedrijf. De twee titels zijn inmiddels klassiekers en werden over de hele wereld vertaald. Nassar kreeg er in 2016 de hoogste Portugeestalige onderscheiding voor, de Prémio Camões. Een glas woede werd, veertig jaar na verschijnen, genomineerd voor de Man Booker International Prize.

Dat is wat de website van Prometheus over de schrijver meldt, en meer weet ik niet van hem. Ik las Een glas woede, een novelle over een man en een vrouw die een nacht en een ochtend met elkaar doorbrengen. Nassar beschrijft het samenzijn in lange, ademloze zinnen, die op het papier lijken te zijn gesmeten. Na het samenzijn drinkt de hoofdpersoon van het boek, zou je kunnen zeggen, een glas woede. En hij drinkt dat tot de bodem leeg. Hieronder een fragment. Een glas woede is een cultboek; of het dat in mijn persoonlijke canon wordt, weet ik nog niet. Eerst ga ik Bijbelse landbouw ook eens lezen. Het sympathieke van Nassar is, dat deze twee boeken meteen de hoofdmoot van zijn oeuvre vormen: er verscheen alleen nog een verhalenbundel. Nassar was na de publicatie van zijn eerste twee boeken de interesse voor het literaire bedrijf kwijt geraakt. Beide boeken zijn, overigens, vertaald door Harrie Lemmens. Doorgaan met het lezen van “Fragment uit Een glas woede

Rui Cóias in Terras

Wát ik heb gelezen weet ik nog niet precies. Maar de twee gedichten van Rui Cóias, die Harrie Lemmens vertaalde voor Terras, zijn iets bijzonders. Ik heb ze nu een keer of drie hardop voorgelezen en hoop ze na de zesde keer, zo ongeveer, te doorgronden. Lemmens over het werk van deze dichter: ‘Thematiek en focus verschuiven voortdurend van ruimte naar tijd en van persoonlijk naar algemeen. Reizen, of misschien liever verplaatsingen, gaan via prachtige beelden een verbinding aan met het landschap en het eigen en collectieve geheugen.’ Meer werk van Cóias vindt u hier. En op de website Zuca Magazine.

Bij datgene waardoor we herhaaldelijk worden meegevoerd,
hunkerend naar wat zich in de volgende bocht vertoont,
met onze hand op de kastanjebomen waar we
onze namen in kerven, onze verhinderde eenzaamheid,
keren we altijd om op het punt waar alles herhaald wordt en begint
en waarvan we slechts een minuut, een ogenblik bereiken,
het snijvlak van het jaar dat voorbij gaat en het jaar dat komt.

Het uitvinden van het schrijven – over Clarice Lispector

lispectorClarice Lispector schrijft in De ontdekking van de wereld alsof ze het schrijven per zin, of per woord, uitvindt. Ik ben nu al vier dagen bezig in dit nieuwe deel van privé-domein en ik ben op bladzijde 160. Toch heb ik het idee dat ik al drie jaar met het boek leef. Bij Lispector lopen denken en schrijven in elkaar over; denken, schrijven en leven. Het is een boek waarin alle vervelende eigenschappen van de auteur (koketterie, bewust-onwetend proberen te zijn) gewoon zijn blijven staan, zonder dat ze gaan tegenstaan. Doorgaan met het lezen van “Het uitvinden van het schrijven – over Clarice Lispector”