Fragment uit Human Acts

Han Kang zegt in een interview met The Wire Review over Human Acts: ‘Humans will not hesitate to lay down their own lives to rescue a child who had fallen onto the train tracks, yet are also perpetrators of appalling violence, like in Auschwitz. The broad spectrum of humanity, which runs from the sublime to the brutal, has for me been like a difficult homework problem ever since I was a child. You could say that my books are variations on this theme of human violence. Wanting to find the root cause of why embracing the human was such a painful thing for me, I groped inside my own interior, and there I encountered Gwangju, which I had experienced indirectly in 1980.’

Een fragment uit Human Acts, een boek waarin het menselijke lichaam (zoals in De vegetariër en Wit) net zozeer het slagveld is als ‘de geschiedenis’ – de manier waarop Han Kang persoonlijke ervaringen en ‘grotere thema’s’ weet te verbinden vind ik, ik kan geen ander, minder fan-achtige (ik ben een fan van Han Kang, wie had dat ooit gedacht, ik, fan, op mijn leeftijd) formulering bedenken, verbluffend. Oh ja, het fragment: Doorgaan met het lezen van “Fragment uit Human Acts

Fragment uit De vegetariër van Han Kang

Han Kang, De vegetariër, vertaald door Monique Eggermont, Nijgh & Van Ditmar, Amsterdam.

En het beeld zou nooit bij hem opgekomen zijn als er niet toevallig een gesprek had plaatsgevonden. Als zijn vrouw hem die zondagmiddag niet had gevraagd hun zoon in bad te filmen. Als hij niet toen zij hun zoon na het afdrogen zijn onderbroek had aangetrokken verbaasd had uitgeroepen: ‘Die mongolenvlek is nog steeds groot! Wanneer verdwijnt die in vredesnaam?’ Als zij niet gedachteloos had geantwoord: ‘Nou… ik weet niet meer precies wanneer die bij mij is verdwenen. En Yeong-hye had hem op haar twintigste nog.’ Als zij toen hij daarop verbaasd ‘Twintig?’ had geroepen, niet gereageerd had met ‘Mmm… een kleintje maar, duimgroot, blauw. En als ze hem toen nog had, wie weet heeft ze hem nu nog wel.’ Precies op dat moment werd hij getroffen door het beeld van een blauwe bloem op vrouwenbillen, met blaadjes die zich openvouwden. In zijn gedachten werd het feit dat zijn schoonzus nog een mongolenvlek op haar billen had op onverklaarbare wijze gekoppeld aan het beeld van mannen en vrouwen die seks hadden, hun naakte lichamen volledig beschilderd met bloemen. Het causale verband van die twee dingen was zo helder, zo onmiskenbaar en ook zo onbegrijpelijk dat het daarna in zijn herinnering gegrift bleef.

 Ook al ontbrak het gezicht, de vrouw die hij had getekend was zonder twijfel zijn schoonzus. Nee, zij móést het zijn. Toen hij begon te tekenen had hij zich voorgesteld hoe haar naakte lichaam eruit zou zien, ten slotte zette hij een stipje als een blauw bloemblaadje midden op haar billen en hij had een erectie gekregen. Het was sinds zijn huwelijk vrijwel de eerste keer, en beslist de eerste keer sinds hij de vijfendertig was gepasseerd, dat hij zo’n intens seksueel verlangen had gevoeld, een verlangen dat bovendien een duidelijk object gold. En wie was dan die man zonder gezicht die zijn armen om haar nek geslagen had en eruitzag alsof hij haar probeerde te wurgen, die zich in haar stootte? Hij wist dat hij dat zelf was; dat het zelfs niemand anders kon zijn. Toen hij tot die conclusie kwam, trok hij een grimas.

 

Overlijden zonder Vestdijk te lezen en de hand als intiem lichaamsdeel (en nog van alles)

Foto: Wikipedia

Griet Op de Beeck is misschien misbruikt door haar vader. Er is een overdaad aan secundair bewijs, vertelde ze bij De Wereld Draait Door. Het gaat me niet om haar nieuwe ‘thema’ en ik wil ook niet meezingen in het koor van Op de Beeck-haters, integendeel, ik vind haar, hoe zeg je zoiets? – ik vind haar sympathiek. Wat me tijdens DWDD wel opviel: iemand die een boek geschreven heeft over incest, een roman, komt op televisie bijna een half uur vertellen over gebeurtenissen die in haar echte leven misschien hebben plaatsgevonden. De vraag of het een en ander iets met literatuur te maken heeft, wordt niet eens meer gesteld. Echt gebeurd is wel degelijk een excuus. Ik ben waarschijnlijk naïef als ik me daarover nog verbaas.

Doorgaan met het lezen van “Overlijden zonder Vestdijk te lezen en de hand als intiem lichaamsdeel (en nog van alles)”

Fragment uit Wit van Han Kang

‘Op een novemberochtend zag ze de vlinder aan de rand van deze stad. Eén eenzame witte vlinder met dichtgevouwen vleugels op een rietveld. Sinds de zomer had niemand meer vlinders gezien. Waar had deze zich verscholen? De week ervoor was de temperatuur onverwacht scherp gedaald; misschien waren de vleugels een paar keer bevroren geraakt en was het wit er daardoor uit verdwenen, zodat ze hier en daar vrijwel doorschijnend waren. Zozeer zelfs dat de zwarte aarde erdoorheen schemert. Nog heel even, en het wit is volkomen weg uit de vleugels. Ze worden dan iets heel anders en de vlinder wordt iets wat geen vlinder meer is.’

uit: Han Kang, Wit, Nijgh & Van Ditmar, 2017 (vertaald uit het Engels door Marijke Versluys)