Fragment uit Ze zullen denken dat we engelen zijn

De nieuwe roman van Bert Natter is voor zover ik weet de eerste Nederlandstalige roman waarin een terroristische aanslag in Nederland wordt gepleegd. En wat voor één. En hoe beschreven! Twee van de mensen die daarbij betrokken zijn, ontmoeten elkaar tijdens die aanslag en raken verwikkeld in wat enige tijd op een beginnende relatie lijkt. Wie zijn zij? Hij is een man wiens leven niet helemaal lekker verloopt. Hij is chauffeur van een busje dat gehandicapte kinderen naar hun dagverblijf brengt. Ooit had hij echt werk en een leven. Er is iets met zijn verleden, maar wat? Zij is een min of meer gelukkig getrouwde vrouw, die na de aanslag verliefd wordt op de man. Net zoals hij verliefd wordt op haar.

Maar is het wel liefde? Of is er hier iets anders aan de hand? En zo ja, wat? Kortom, we weten het niet, zelfs niet als we Ze zullen denken dat we engelen zijn hebben gelezen. Ik denk dat deze roman, na Remington, mijn favoriete Natter is. Hij is op zijn best als hij een beetje gejaagd verteld over levens die tijdelijk, of voorgoed, op een zijspoor zijn beland. Over mensen die hun leven weer proberen terug te krijgen. Soms met succes, soms niet. In deze roman zijn dat, misschien, twee engelen. Wezens die plotseling opduiken en leven kunnen brengen, maar ook de dood. Een fragment:
Doorgaan met het lezen van “Fragment uit Ze zullen denken dat we engelen zijn