Tsead Bruinja, wijntje & weedje

Van weinig dingen heb ik spijt, maar dat ik me ooit voor het karretje van Tsead Bruinja’s campagne om Dichter des Vaderlands te worden heb laten spannen: daarvan heb ik spijt. Het waren de tijden waarin mijn weblog De Contrabas bloeide, als een plantje midden in de zomer. Het was eind 2008, begin 2009. Die spijt vlamde weer even op toen ik vanochtend dit bericht las. Het is Tsead toch gelukt om Dichter des Vaderlands te worden. De aanhouder en netwerker wint.

‘Inclusiviteit vind ik belangrijk en ik schat in dat dat zich vertaalt in een menselijke invalshoek voor de gedichten. Ik wil de menselijke kant van de zaak belichten, zoeken naar een nuance.’ De Tsead Bruinja van 2008, die via een internetstemming wilde winnen, had nog niet zo veel inhoud. Die Tsead was nog lekker bezig met podiumpoëzie, en tijdens of voor optredens stelde hij zich tevreden met een wijntje en een weedje. Daarom klonk hij in die tijd ook zo vaag. Dat was geen Fries, dat was Weeds.

Enfin. In januari 2009 werd Ramsey Nasr DiDeVa. Tseads campagne was gestrand op die van de inmiddels met dichten gestopte acteur. Vier barre jaren volgden, en omdat de organisatie geen zin had in een nieuwe campagne (en bijbehorend gekift en gekijf) werd de Dichter des Vaderlands vanaf 2013 benoemd. Anne Vegter (2013-2017) en Ester Naomi Perquin (2017-2019) volgden Nasr op. Anne Vegter verzandde in goede bedoelingen en het werk van Perquin veranderde. Haar dichterschap was in het begin nog interessant, ik wist in elk geval niet goed wat ik ervan moest vinden en herlas de eerste bundels met enige regelmaat, maar als DiDeVa werd ze een soort multi-inzetbare babbeltante met meningen waar iedereen het gemakkelijk mee eens kon zijn. Wat apart dat juist een als eervol bedoeld ambt zo veel schade kan aanrichten.

De commissie die de nieuwe DiDeVa benoemde, moet dit hebben aangevoeld. Daarom zijn ze op zoek gegaan naar een dichter die niet kapot gemaakt kán worden, omdat er niets is. Een volledig inhoudsloze dichter, iemand met een op zijn zachtst gezegd flexibele mening en een instant-inhoud, daar valt in de twee jaar dat een dichttermijn tegenwoordig duurt weinig aan te verpesten. Bruinja ontwikkelde zich na het debacle van tien jaar geleden van een goed in de poëziemarkt liggende performer tot een man met een mening die goed in de markt ligt. Daarnaast bleef hij zijn contacten onderhouden. Misschien is dat wel Bruinja’s grootste talent. Tsead zit in commissies en doet iets voor jou, als jij iets voor Tsead doet. Overigens doet hij, nadat jij iets voor hem hebt gedaan, meestal niets voor jou. Maar hij kan het heel charmant beloven.

Goed. Dit alles heb ik overdacht. Op een koude dag in januari (je zult zien, straks komt er nog een Elfstedentocht, net als Tsead DiDeVa is, want de duivel doet zijn gevoeg altijd op de grootste hoop). Spijt? Spijt heb ik weinig, zoals gezegd, maar van sommige dingen die tien jaar geleden gebeurden heb ik wel spijt. Enorm veel spijt. Hoewel, ook vervelende dingen gebeuren met een reden. Laat dat een troost zijn.

Een gedachte over “Tsead Bruinja, wijntje & weedje

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s