Een echt gebeurd kerstverhaal

Station Breda. Spoor 3. We moeten wachten tot de deuren van de binnengelopen trein worden geopend. In de trein staan mensen daar geduldig op te wachten, als paarden op de noodslacht. Een jonge vrouw naast me vraagt of ik ook naar Limburg moet. En hoe het zit, met die treinen hier.

Ik heb geen idee hoe het zit en zeg dat we er zo wel achter zullen komen. En ik moet ook naar Limburg.

De deuren gaan open.

We mogen de trein die inmiddels is leeggelopen niet in. De conducteur schreeuwt naar ons. Ik haal mijn schouders op en blijf staan. De jonge vrouw is aan het bellen. Ze zegt tegen iemand dat de daily special van de NS een ingewikkeld menu heeft. Daarna loopt ze weg. Ik kan niet meer verstaan wat ze zegt.

Even later wisselt de trein die we moeten hebben van aankomstspoor. Ik ontdek dat per ongeluk als ik op de borden kijk.

Ik stap in. Ik zie dat de vrouw nog steeds aan het bellen is. Ik ga in de deur staan en roep haar.

Ze tilt haar koffer naar binnen en gaat in het halletje staan. De dichtslaande deuren missen haar jas net. We lachen. ‘Gast,’ zegt ze.

We zitten naast elkaar in een coupé. De vrouw haalt een nieuw blik bier uit haar rugzak. Ze opent het. Ik ruik de licht bedorven geur en mis de drank niet. Een beetje. Heel even.

We komen er van elkaar achter hoe we heten. Jennifer heet ze. Ze woont in Berlijn. Een mooie stad. Het is wel eenzaam nu ze weer alleen is. Ik schaats om het onderwerp heen. Omdat ze alleen is, gaat ze naar haar moeder. Die woont in Limburg.

Waar ben ik naar op weg? ‘Ah, ja.’

Ze lacht om een vrouw die in het Limburgs dialect een telefoongesprek voert. ‘Joah,’ zegt ze, elke keer als de vrouw ‘joah’ heeft gezegd. ‘Het lijkt wel Deens.’ Sommige mensen in de coupé luisteren mee.

Jennifer houdt niet van Limburg, maar van Feyenoord. We schommelen verder, richting het volgende overstappunt. Ze vraagt drie keer hoe dat nu moet, op het volgende station. ‘Vroeger liep deze route heel anders. Of is het hier altijd zo geweest.’ ‘De meeste tijd wel,’ zeg ik.

Op het volgende station stappen we allebei uit. Ik loop naar de roltrappen en zie dat Jennifer naar het verkeerde perron wil. Ik draai me om en wijs de weg. Trap op, trap weer af, gangetje door, uitchecken bij NS, inchecken bij Arriva, wachten tot je station wordt afgeroepen en dan uitstappen. Denk aan je bagage.

‘Nu zie ik je nooit meer,’ zegt ze. Ik zeg dat ik haar twee keer op de goede trein heb gezet.

Ze valt stil, haar gezicht lijkt plotseling op een apparaat dat net kortsluiting heeft gemaakt. Daarna begint ze te lachen. Ze geeft me een hand. ‘Het ga je goed, en fijne dagen bij whatever.’

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s