Fragment uit De morgen loeit weer aan

Het is op dit moment 35 graden in de schaduw in Praag. De betonnen platen waarvan de flat is gemaakt, kunnen niet meer hitte absorberen en stralen haar daarom uit. Onder mij zit iemand al uren op een Afrikaanse trommel te slaan. Hopelijk krijgt hij of zij binnenkort les. Vanochtend wandelde ik door het nabijgelegen park. Nu zit ik op het balkon en lees De morgen loeit weer aan, de korte roman van Tip Marugg. Net als The end of the affair heb ik dit boek zeker al acht of negen keer gelezen. Naar sommige boeken keer je, altijd, terug. En het is een toepasselijke titel, op dit moment. Een fragment, de openingsalinea’s van hoofdstuk 7:

Wanneer op dit eiland een blanke man zijn blanke vrouw overleeft, is daar vaak een zwarte vrouw die op hem wacht. Wanneer hij weduwnaar, allenig en minder man geworden is, is daar immer de negerin die hem met open armen ontvangt en liefderijk verzorgt gedurende zijn jaren van aftocht.
Terwijl ik in mijn enigheid halfdronken op de stoep van mijn woning zit te mijmeren, is de nacht mijn zwarte vrouw. In de omhelzing van haar sterke, kanelen armen voel ik mij heersziek en beschut tegelijk. Haar eeuwenoude gelaat heeft een ruige pracht die onverdoofbaar is, als de woeste noordkust met zijn door zee en wind gebeeldhouwde rotsmonumenten. Haar ogen, wijs doch moe door haar slepende wake, staren eindeloos naar een geheimzinnig herinneringsbeeld vol leegten, ellende en lange afstanden, dat ik nooit zal doorgronden. Hoe vaak heb ik mij niet, nacht na nacht, beneveld gekoesterd in haar zwartzijden omarming. In de geur van haar negerinnenlichaam versmelt droom met werkelijkheid, de contouren en details van aardse dingen verdoezelen tot onbeduidende schimmen, de vervalste wereld en haar dreiging worden uitgedoofd. Ik druk mijn rug tegen haar enorme borsten en wanneer de warmte van haar vlees wordt overgedragen op mijn huid ben ik in staat alle littekenende herinneringen met één hand uit te wissen. Dan streel ik haar knieën en vol dankbaarheid noem ik haar de hoedster van mijn dronken nachten. En ik vraag haar, al weet ik dat zij nooit antwoord geeft: ben ik ooit gelukkig geweest?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s