Persis Bekkering verwijt de piramide geen iPhone te zijn

Persis Bekkering recenseert literatuur voor de Volkskrant. Ik vind haar stukken vaak de moeite waard en lees ze graag. Gisteren fronste ik even, na het tot mij nemen van deze stellingname.

Soms vliegt er een boek door de kamer. Dan ben ik boos. Dat is niet altijd uit teleurstelling over het literaire niveau van de roman. Ik ben ook weleens moreel verontwaardigd. Als een boek seksistisch is, racistisch of reactionair.

(…)

Ik groeide op met de postmoderne idee dat goede kunst los staat van moraal. Lolita, Nabokovs beroemde roman over een pedofiel, is immers een meesterwerk. Ik weet nog steeds niet hoe ik me tot die loskoppeling moet verhouden, ik worstel ermee. Een boek kan vlammend geschreven zijn, maar als het vrouwen wegzet als domme sletjes, geef ik geen vijf sterren.

Onlangs hielp een vriend me in theoretisch opzicht uit de brand. ‘Seksisme is niet alleen in morele, maar ook in esthetische zin een afknapper’, zei hij boven een biertje. Hij heeft gelijk. Een seksistisch boek vertelt ons niets nieuws over de wereld, het herhaalt wat er al is. Het is een lelijk cliché.

De al te nadrukkelijke koppeling tussen literatuur en moraal (met als idee dat de moraal boven de literatuur prevaleert), die de laatste jaren als een vorm van mosgroei om zich heen grijpt, vind ik zorgwekkend. Literatuur wordt een middel om actie te voeren – voor het goede én tegen het boze – en krijgt daarmee een pamflettistisch karakter. Het is niet voor niets dat de aandacht voor stijl, vroeger een dingetje, uit het zicht aan het verdwijnen is.

Persis Bekkering maakt volgens mij een paar denkfouten, in deze alinea’s. Kunst en moraal hebben nooit los van elkaar gestaan. Juist in de literatuur kon de schrijver onderzoeken, of formuleren, hoe zijn houding in de wereld (en daarmee zijn moraal) in elkaar zat. Maar die moraal lag niet vast. En niet altijd werd dat door de lezers en critici even gezellig ontvangen. Soms ging dat zelfs even mis. Denk bijvoorbeeld aan Louis-Ferdinand Céline, die na het publiceren van zijn zeer goed geschreven maar moreel nogal verwerpelijke pamfletten de toorn van Frankrijk over zich kreeg en na de oorlog niet voor zijn lol naar Denemarken uitweek, nadat zijn kapitaal was geconfisqueerd en er openlijk werd gesproken over een doodvonnis.

En zelfs later, tijdens en na het postmodernisme, is niet elke schrijver overal mee weggekomen. Bekkering noemde Nabokov al, over wiens boek Lolita nogal wat te doen is geweest. Of neem Salman Rushdie, die na het publiceren van zijn De Duivelsverzen  werd geconfronteerd met een ideologie die iets minder op had met het postmodernisme. Zelfs Thierry Baudet mocht ervaren dat een literair werk niet altijd alleen op literaire gronden wordt beoordeeld, ondanks het postmodernisme. Kunst en moraal zijn niet altijd met elkaar getrouwd, ze wonen wel vaak samen. Het anything goes van het postmodernisme wordt vaker beleid met de mond, dan beleden in de daad. Er is altijd wel iemand die, met de laatste modetrend achter de hand, iets te zaniken heeft over de teneur van een verhaal, in plaats van over de manier waarop het verhaal is geschreven en hoe het werkt.

Bekkering doet in de laatste alinea iets wat ik een recensent niet vaak heb zien doen, tot nu toe. Ze probeert tijdgebonden stellingnames over racisme, seksisme en de vraag wat reactionair is, te koppelen aan esthetische, formele (en in de laatste plaats pas ideologische) bouwwerken waaruit de literatuur bestaat. Het is alsof je het een piramide kwalijk neemt dat zij geen iPhone is. Ik weet zeker dat een racistisch, seksistisch en reactionair boek ‘goed’ kan zijn. De naam Céline is hierboven al gevallen. Het heeft geen zin om een literair te verwerpen als er iets in wordt verkondigd dat je niet bevalt. Sterker, dat is kortzichtig en torpedeert je leesgenot.

Ik ben opgegroeid met het idee dat de literatuur een huis is met veel kamers. In elke kamer gebeurt iets anders. Als je in de ene kamer bent uitgekeken, ga je eens ergens anders zitten. Maar met boeken gooien omdat je eigen gelijk of je eigen opvatting onder vuur wordt genomen, dat is erg kras. Dan gedraag je je als iemand die totalitaire neigingen heeft in het aangezicht van de totale vrijheid die literatuur biedt. Je ontkent de functie van literatuur: het oproepen van onbekende werelden, het spreken over de wereld via een verhaal.

Bovendien: er zijn ook veel boeken een lelijk cliché, en ze vertellen niks nieuws over de wereld, zonder seksistisch te zijn. Na drie maanden een abonnement op KOBO te hebben gehad, kan ik daarvan (knarsetandend) getuigen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s