De man met de oordempers

De kade is gedeeltelijk opgebroken. De stenen van de rijweg worden per rij losgewrikt door een werkman met een gele, fluorescerende jas aan. Hij draagt ook een pet en een laaghangende spijkerbroek. Terwijl hij werkt, luistert hij naar muziek. Die komt uit een op een bermbom lijkend apparaat dat op een meter of vijf van hem af staat. De muziek staat zo hard dat ik het raam moet sluiten als ik in rust wil werken. Het irriteert me, maar ik durf hem niet te vragen of hij het geluid zachter wil zetten. Misschien weigert hij de straat dan, net voor mijn huis, weer dicht te maken als het zover is (en als het ooit zover komt). Doorgaan met het lezen van “De man met de oordempers”

Je hebt het leven zelf gezien

Naar aanleiding van Tussen licht en donker van A.H.J. Dautzenberg en Diederik Stapel

Sommige dingen blijven onverklaarbaar. Waarom de films van Eric Rohmer zo fascinerend zijn is er een van. Je kijkt naar een verhaal van niks, niet-spectaculair opgenomen, heel strak in de verf gezet – en toch heb je na afloop het idee dat je net hebt gezien hoe een oude wereld ten onder ging, om plaats te maken voor een nieuwe (die te zijner tijd ten onder zal gaan). Je hebt, denk je, het leven zelf gezien. Maar hoe zag dat leven er dan uit? Daarop moet je het antwoord schuldig blijven. Het ontglipte je. Doorgaan met het lezen van “Je hebt het leven zelf gezien”

Dan gaan we dezelfde kant op

‘Je weet dat ik geen ego heb,’ zei Wim Brands, als hem iets dwars dreigde te gaan zitten. Daarop volgde een verhaal waarin de collega/concurrent/vriend in een paar alinea’s (die je als het ware voor je ogen zag ontstaan, terwijl Wim sprak) werd gefileerd, omdat deze persoon iets had geschreven of gezegd waar Brands cholerisch van werd. ‘Gelukkig heb je geen ego,’ antwoordde ik dan. ‘Dat is waar; maar jij bent een Limburger. Die snappen dat niet.’ Doorgaan met het lezen van “Dan gaan we dezelfde kant op”

Ik voelde mij volkomen rustig

In het voorjaar van 1893 maakte Willem Kloos, samen met Hein Boeken, een ‘grand tour’ door Italië. De grote dichter en zijn trouwe vriend hadden daarvoor reisdocumenten nodig. In de volgende week te verschijnen biografie – Willem Kloos (1859-1938) O God, waarom schynt de zon nog! – schrijven Peter Janzen en Frans Oerlemans hierover, zich baserend op wat Frans Erens in Vervlogen jaren noteerde: ‘In een grote vigilante reden Willem Kloos en Hein Boeken, onder de hoede van de jurist Frans Erens, naar het politiebureau. Erens zette daar een handtekening, waarna Kloos en Boeken hun reisdocument ontvingen. ‘‘Hoe is uw naam?’’ vroeg de commissaris aan Kloos.‘‘En de Uwe?’’ ‘‘Boeken.’’ ‘‘O,’’ zei de politiebeambte, ‘‘Boeken, Boeken, ik heb ook een heel stel boeken in huis.’’’ Doorgaan met het lezen van “Ik voelde mij volkomen rustig”

Het imaginaire vriendje van boer Riks en Je suis Olke

Sinds ik één (1) stukje schreef over Boer zoekt Vrouw gebeurt er elke zondagavond hetzelfde. Na de uitzending stijgen mijn kijkcijfers, ze gaan ‘door het plafond’ zoals WordPress het dan in een melding noemt. Mijn overpeinzing over de leuke trompettiste uit Limburg is met afstand het best bekeken bericht op mijn blog geworden. Boer zoekt Vrouw leeft op internet net zo hard als op de televisie. Doorgaan met het lezen van “Het imaginaire vriendje van boer Riks en Je suis Olke”

Waardoor smaakt wat de bakker maakt toch zo fijn?

Bij het lezen van dit bericht: ‘De verkoop van de margarine-producten mag historisch genoemd worden, want margarine was bij de oprichting de basis van het voedingsmiddelenconcern. Unilever komt voort uit een fusie van twee bedrijven: de Margarine Unie en de Britse zeepproducent Lever Brothers. Unilever heeft in Rotterdam een margarinefabriek.

In de winkel van mijn vader werd margarine verkocht. Margarine was boter. Roomboter werd ‘echte boter’ genoemd, in tegenstelling dus tot de industrieel geproduceerde margarine. ‘Afgewerkte motorolie’, noemde mijn opa het. En hij zat er niet heel ver naast, al vond ik het toch fijn smaken, voor een afgewerkt iets. Je had Zeeuws Meisje (‘geen cent te veel’), Blue Band (spreek uit Bleu Band, niet Bloe Bent) én Bona. De margarine werd verkocht in pakjes en in kuipjes. De keuze van een margarinemerk zei iets over het soort mens dat je was. Margarine was modern. Echte boter was oud, ouderwets. Doorgaan met het lezen van “Waardoor smaakt wat de bakker maakt toch zo fijn?”