Boudewijn Büch, de man die zichzelf verzon

buchkleis
Ger Kleis en Boudewijn Büch – Foto: Archief Kleis

Toen Jack en ik in de rij gingen staan voor de boekpresentatie van Boud, de biografie die Eva Rovers heeft geschreven over Boudewijn Büch, zag ik Hans Kazan lopen. Hij wilde de rij ontwijken. ‘Tovert u de rij meteen even weg?’ vroeg ik. Hij verstond me niet. We wachtten af, in de zekerheid dat we een reservering hadden. Zelfs het voorkruipen van Elsbeth Etty kon ons niet van ons stuk brengen. Doorgaan met het lezen van “Boudewijn Büch, de man die zichzelf verzon”

Ik val verticaal en verander in nieuws

Portret via Wikipedia / André Koehne
Portret via Wikipedia / André Koehne

Hans van Willigenburg wees me op het gedicht ‘De dood in het vliegtuig’ van Carlos Drummond de Andrade. Ik moet dat eerder hebben gelezen, ooit, vroeger, maar ik was het vergeten. Vanochtend zocht ik het op in Gedichten, de eerste door August Willemsen vertaalde verzamelbundel van de Braziliaan. Dichtbundels sla je, vaker dan romans, nog eens open, al moet er dan wel een reden voor zijn. Iemand die zegt dat ‘De dood in het vliegtuig’ tot de tien mooiste gedichten die hij kent behoort, verschaft die reden. Ik had het eerder moeten doen. Doorgaan met het lezen van “Ik val verticaal en verander in nieuws”

Dichters uit de Bundel in de Volkskrant

dieuwertjechretienVandaag in de Volkskrant: Rob Gollin interviewt de vier bloemlezers die verantwoordelijk zijn voor de drie grote overzichtsbloemlezingen die op dit moment in Nederland en Vlaanderen te koop zijn: Jozef Deleu, Ilja Leonard Pfeijffer en Dieuwertje Mertens / Chrétien Breukers. De tekst is te vinden in de papieren krant en daarna op Blendle. De vier bloemlezers reageren op stellingen die Gollin voorlegde. Dichters uit de bundel is verkrijgbaar in de betere boekhandel, in webshops en via Uitgeverij Marmer.

Gij zult niet bloemlezen (Louis Th. Lehmann)
Deleu: ‘Het gebod van deze gerespecteerde dichter vind ik niet relevant. Hij heeft zichzelf later laten bloemlezen door Komrij. Natuurlijk geven bundels een vollediger beeld van een dichter, maar de meesten zullen best tevreden zijn met een kritische keuze uit hun werk. Je krijgt er alleen geen stuiver voor. Maar poëzie levert sowieso geen stuiver op.’
Breukers: ‘Ferme taal van Lehmann. Mooi gezegd. Maar hij kwam erop terug.’
Mertens: ‘Een bloemlezing kan ook een nieuwe context geven. De dichter vindt zichzelf terug tussen tijd- en generatiegenoten.’
Pfeijffer: ‘Ik snap het wel. Een bundel is vaak meer dan een verzameling losse gedichten, het is een bouwwerk. Maar er is genoeg poëzie die op zichzelf kan staan. Bovendien: als je onsterfelijk wil worden, en welke dichter wil dat niet, vormt opname in een bloemlezing daarvoor de beste garantie.’

Een vouwfiets is echt heel handig

De man die in de trein tegenover me kwam zitten rook niet vies, maar hij rook zeker ook niet lekker of neutraal. Hij verspreidde een geur die me irriteerde. Een aanwezige geur. Erg lang was hij ook, en hij ging onderuitgezakt tegenover me zitten, zijn benen voor zich uit, zodat ik mijn voeten moest verzetten en enig lichamelijk contact alleen met moeite kon voorkomen. De man die tegenover me kwam zitten zuchtte om de minuut diep. Overdreven diep. Doorgaan met het lezen van “Een vouwfiets is echt heel handig”

Misschien schuilt in iedereen een Harry Mulisch

herm014_p69Gisterennacht droomde ik dat ik op een strand kwam. Ik kende de omgeving niet, die was een mengeling van IJmuiden en Cadzand en Oostende. In het water dreef een woonwijk, of was het een stuk land met allemaal bedrijven erop? In de verte stond een hoog gebouw tussen de golven, een gebouw dat iets weg had van de nieuwbouw die aan het Stedelijk Museum in Amsterdam vastzit. Het was grijs buiten, maar ik wilde toch op het strand gaan wandelen. Na een paar seconden zag ik dat de hele horizon werd gevuld met aanrollend water. Een hoge golf kwam op het strand. De woonwijk of het stuk land met bedrijven erop was al verdwenen. Doorgaan met het lezen van “Misschien schuilt in iedereen een Harry Mulisch”

Een tand erin, een tong eraan en vijftig jaar vernieuwen – over Hubert van Herreweghen

hubert_van_herreweghenDe dichter Hubert van Herreweghen is op 4 november gestorven. Hij was 96, dus het zal niet als een totale verrassing zijn gekomen. Van Herreweghen was iemand, in de Vlaamse poëzie, al was hij de laatste jaren bekender om zijn leeftijd (‘de nestor van de Vlaamse poëzie’) dan om zijn werk. Dat werk is onmodieus en soms zelfs een beetje archaïsch, dus er is een kans dat het, tegen alle stromen in, overleeft. Doorgaan met het lezen van “Een tand erin, een tong eraan en vijftig jaar vernieuwen – over Hubert van Herreweghen”

Dat er iets was in plaats van niets

14976288_10211297817267606_26394033_o‘Volkeren hebben dit met elkaar gemeen dat ze in de loop van hun geschiedenis allemaal hongersnoden hebben gekend. Zoiets schept een band. Je hebt elkaar iets te vertellen.’ Deze zin van Amélie Nothomb, vertaald door Marijke Arijs, maakte me aan het lachen. Wat een onzin, dacht ik even; en even later dacht ik, ja, dat zou best wel eens kunnen kloppen. Het Beleg van Leiden, de Hongerwinter, het zijn maar twee verhalen van de vele die ik ken die min of meer zijn gecentreerd rond honger, of gebrek. Misschien is Nothomb in het boek waaruit ik citeer, De Hongerheldin, iets op het spoor. Doorgaan met het lezen van “Dat er iets was in plaats van niets”

Koos van Zomeren tijdens de In Between Days

De tijd, als hij bestaat, is onverschillig. Dus ook voor Robert Smith. Jaren had ik niet aan hem gedacht, net zoals ik ook jaren niet dacht aan The Cure, de groep die midden jaren tachtig onderdeel was van, ja, van wat? Van onze jongensromantiek? En plotseling zag ik hem terug, Smith, op YouTube. Iets ouder geworden. Voller, ook. Gekreukeld was hij. Net zo onopgemaakt opgemaakt als in de jaren zeventig en tachtig. Het is overigens een mooi optreden, in Parijs, met die irritante gitarist er weer, of nog, bij. Doorgaan met het lezen van “Koos van Zomeren tijdens de In Between Days”

Nadenken in mijn hoofd & Uitgeverij In de Knipscheer

Foto: DBNL
Foto: DBNL

Heel lang kon ik moeilijk in slaap komen. Ik lag wakker tot mijn ouders naar bed gingen en als mijn moeder nog even op mijn kamer kwam kijken en vroeg wat er was, zei ik: ‘Ik denk na in mijn hoofd.’ Dan moest ze lachen. ‘Waar moet je anders denken?’ Ik vond het geruststellend dat de activiteit die me zo lang wakker had gehouden ‘gewoon’ bleek te zijn. Doorgaan met het lezen van “Nadenken in mijn hoofd & Uitgeverij In de Knipscheer”

Wat doet een kunstenaar de hele dag?

14876315_10211234595687106_1634536433_oVolgens het CBS is een allochtoon een: ‘Persoon die in Nederland woonachtig is en van wie ten minste één ouder in het buitenland is geboren. Wie zelf in het buitenland is geboren, hoort tot de eerste generatie, wie in Nederland is geboren, hoort tot de tweede generatie.’ De moeder van mijn vader kwam uit België. Haar ouders, zuivere allochtonen dus, verhuisden van Belgisch Limburg naar Nederlands Limburg. Zij was allochtoon van de tweede generatie, ook al bestond dat woord toen nog niet. Heel misschien is mijn oma ook nog net in België geboren, dat weet ik niet, heel lang heb ik gehoopt van wel; het zou me net genoeg Belgisch, of Vlaams bloed geven om er een beetje mee op te scheppen. Mijn ijdele hang naar vreemd bloed. Doorgaan met het lezen van “Wat doet een kunstenaar de hele dag?”